Aan de slag met Gemeenteopbouw

Ik heb de privilege gehad om ‘MBA in één dag’ van Ben Tiggelaar te mogen meemaken. Ontzettend intensief en met zo ongeveer de snelheid van het licht ga je door de theorie van de organisatieontwikkeling (OO) heen. Nu is organisatieontwikkeling niet hetzelfde als gemeenteopbouw (GO). Maar het leek mij een spannend idee om het concept van ‘MBA in één dag’ te vertalen naar de praktijk van kerken en gemeenten.

“Nu is organisatieontwikkeling niet hetzelfde als gemeenteopbouw.”

De vier terreinen van de ‘MBA in één dag’ zijn Leiderschap, Organisatie, Strategie en Uitvoering. Let wel, het gaat hier over ‘hoe werk je aan een vitale organisatie?’. Het perspectief is dus vanuit leidinggevende positie. Voor ons dus, ‘hoe werk je als kerkenraad aan een vitale gemeente?’ Wat hoort specifiek als taak bij ‘de kerkenraad’ te liggen. Omdat een gemeente allereerst een geloofsgemeenschap nemen we dat als vijfde terrein mee.

Het blijkt dat als de kwaliteit op deze terreinen in orde is, dat ook de inhoud, de activiteiten en realisatie volgen in kwaliteit. Andersom, de inhoud gaat verloren, de goede activiteiten komen niet van de grond, of de in de realisatie laat men steken vallen, bij verwaarlozing van deze terreinen. Als deze terreinen goed functioneren, is de inhoud relevant en zijn er goede activiteiten. De uitwerking hiervan laat ik voor nu buiten beschouwing.

“Als deze terreinen goed functioneren, is de inhoud relevant en zijn er goede activiteiten.”

Leiderschap

Een belangrijke vraag met betrekking tot het leiderschap van de kerk is, ‘Ben je als de kerkenraad ook verantwoordelijk voor de ‘gemeente’’? Ben je verantwoordelijk voor een goede gemeente, of voor goed functionerende gemeente? Het antwoord op deze vraag bepaalt de taak en rol en daarmee de eigenschappen en vaardigheden die je verwacht van leiders of ambtsdragers.

Hoe je ook denkt over leiderschap, of welke invulling je het beste vind werken, leiderschap is een fundamenteel element. Het klassieke nadenken over leiderschap gaat over twee elementen. De zorg voor ‘de zaak’ en de zorg voor ‘de mens’. Goed leiderschap zorgt voor zowel een relevante gemeente, dat er met plezier en aandacht voor elkaar samen wordt gewerkt en dat het er goed ‘toeven’ is.

“Leiderschap is een fundamenteel element.”

Een ander belangrijke invalshoek met betrekking tot leiderschap is dat je in grote mate je eigen instrument bent. Je vaardigheid en bekwaamheid als leider groeit voor een groot gedeelte door persoonlijke ontwikkeling. Daarnaast is er de afgelopen jaren veel meer inzicht opgedaan over hoe je leiderschapsvaardigheden kunt aanleren. Leiderschap kun je dus ook leren. In de kerk kennen we het gedeeld leiderschap. Leiding geven als team is dus een extra hoofdstuk.

Organisatie

Een samenwerking kan niet zonder afspraken. Samenwerking met je regelen. Het zorgt voor continuïteit, effectiviteit en ook beheersing. Deze vormgeving noemen we ‘organisatie’. Een organisatie is echter meer dan dat, want ook het werk zelf (zeg maar ‘de productie’) moet worden georganiseerd. Naast de verantwoordelijkheden en takenverdeling, zijn er ook proces- en productieafspraken.

Aan de andere kant heeft ‘organisatie’ ook een ‘zachte kant’. Hoe ga je met elkaar om, heb je aandacht voor elkaar, is er ruimte om fouten toe te geven en voelen we ons gezamenlijk verantwoordelijk voor hoe het gaat. Een goede organisatie zorgt er dus voor dat de juiste mensen bij het werk betrokken zijn (takenverdeling en dus diversiteit aan vaardigheden en talenten), maar ook dat de manier waarop de dingen tot stand komen verzorgd is (oa. de ‘psychologische veiligheid’ om jezelf te zijn, creativiteit te laten zien en dat bijv. minderheden worden gehoord). De organisatie zegt dus meer over de inhoud dan je misschien vooraf had gedacht.

“De organisatie zegt dus meer over de inhoud dan je misschien vooraf had gedacht.”

Strategie

In de kerk komen we dit woord veel minder of eigenlijk niet tegen. Strategie is bij uitstek een begrip uit de organisatieontwikkeling. Bij strategie wordt nagedacht over wat je wilt realiseren en waarom ben je er als organisatie? Vertaalt naar ons taalveld, waarom en waarvoor ben je kerk of gemeente?

Kerkmodellen, kerktypen en kerkvisies proberen vanuit een bepaalde focus of accent een samenhangend geheel te geven voor de gemeente. De vertaalde (geloofs)inhoud en relevantie voor de kerk van vandaag herijken de vormgeving van het kerkelijke leven. Ze geven nieuwe betekenis aan bijv. het ambt, de gemeenschap, de activiteiten en uitstraling van de gemeente.

“Bij strategie gaat het met name om de interactie tussen gemeente en samenleving.”

Een goed model sluit aan bij de 1) roeping van de gemeente, 2) de ontwikkelingen in de samenleving, en 3) de mogelijkheden van de gemeente. Een gemeentemodel verlegt de fundamenten dus niet, maar vult ze op een andere, nieuwe wijze in. Bij strategie gaat het met name om de interactie tussen gemeente en samenleving. Een gemeente die deze interactie verwaarloosd of uit het oog verliest, verliest haar relevantie en zeggingskracht.

Uitvoering

Hoe doe je dat nou, he? Je hebt met elkaar een goed voorstel uitgewerkt, maar je beseft met elkaar ook dat een gouden ei op papier nog niks waard is. Na de euforie en het enthousiasme van het ontwikkelen van de nieuwe kerkvisie, daalt terstond bij velen de motivatie tot onder het vriespunt als de vraag op tafel komt ‘hoe gaan we de gemeente meekrijgen?’.

Uitvoering geven aan gemeenteopbouw; iets voor mensen die zich werkelijk nergens wat van aantrekken, of toch ook voor de idealistischer ambtsdrager? Wat kunnen we leren van de organisatieontwikkeling en de veranderkunde? En ook op het gebied van gemeenteopbouw is er best wat aan informatie over het veranderen van en met de gemeente.

Geloofsgemeenschap

In ons kader zoeken we niet naar de norm. We zoeken naar een handelingsrepertoire. Wat kunnen we doen? Hoe kun je als ambtsdrager invloed uitoefenen op de kwaliteit van de geloofsgemeenschap. De praktische theologie haalt ook uit de (godsdienst)sociologie en (-)psychologie een perspectief en handelingsrepertoire om aan de geloofsgemeenschap te bouwen.

“We zoeken naar een handelingsrepertoire. Wat kunnen we doen?”

Groepen, groepsdynamica en subgroepen, maar ook wat het betekent dat er allerlei en diverse vormen van geloofsgemeenschappen zijn in de maatschappij. Nog weer een andere invalshoek is de persoonlijke beleving. Dit alles staat nog los van de precieze inhoud van de geloofsgemeenschap, niettemin wordt een geloofsgemeenschap wel gevormd om die inhoud. Ook dat is dus een belangrijk element met betrekking tot de geloofsgemeenschap.

Zeker vandaag de dag komt een gemeenschap niet als vanzelf. Daarbij lijkt een gemeenschap met de dimensie van geloof (en geschiedenis?!) een extra uitdaging te hebben. Als dan de continuïteit van de gemeenschap onder druk komt te staan, wordt de kwaliteit van de andere vier terreinen ineens duidelijk. De interactie tussen de vijf terreinen en de invloed die ze op elkaar verplicht zijn, daarin schuilt de kracht en dus ook de kwaliteit van de gemeente.

Gemeenteopbouw dus

Waar leiderschap management is geworden en organisatie resultaat-gestuurd, waar strategie tot goedkope aanbiedingen leidt en waar reorganisatie de hobby van de kerkenraad wel lijkt, dan zit er iets fundamenteel fout. Maar we moeten ook niet de geloofsgemeenschap tot een kring van leuke mensen laten verworden, die door de pluraliteit zich afvragen wat ze nog met elkaar gemeen hebben.

“Op termijn wordt de sterkte van het geheel bepaalt door het zwakste element.”

Op de vraag of gemeenteopbouw niet makkelijker kan, is het antwoord dus ‘nee’. Deze vijf onderdelen zijn op elkaar betrokken, beïnvloeden elkaar, en hebben elkaar nodig. Op termijn wordt de sterkte van het geheel bepaalt door het zwakste element.

Reflectie van een ‘gelovige’

Is niet de kerk ‘dat wat van Christus is’, moet “Hij” dan ook geen plek hebben? Terechte vraag! De opzet van het artikel is niet bedoeld om de ‘bezieling’ uit te sluiten of ook maar naar de achtergrond te drukken. De persoonlijke invulling laat absoluut ruimte voor een (samen) biddend zoeken wat de juiste weg of bedoeling is. De instelling van het ambt, de roeping tot discipelschap, het sluit onze verantwoordelijkheid en ons nadenken en bezinnen niet uit. In het verlangen om Hem te dienen, mogen we ons inzetten voor de opbouw van Zijn gemeente.


Meer weten over welke interessante ideeën en theorieën er zijn op de verschillende terreinen, of je wilt als kerkenraad hier eens verder over nadenken met elkaar, neemt gerust contact op.

Bernhard Vosselman